Op dinsdag 9 juli is er de hoorzitting bij de Raad van State rond de procedure die door de verenigde Diksmuidse oppositie werd aangespannen tegen de benoeming van de Diksmuidse schepenen en de gemeenteraadsvoorzitter.  In de aanloop naar deze zitting heeft de auditeur bij de Raad van State zijn rapport overgemaakt aan de betrokken partijen en deze kan naar verluidt gelden als een heus waarschuwingsschot voor het Diksmuids schepencollege, zo lekte intussen uit.  Betrokken partijen wensen vooralsnog niet te reageren op deze berichten.

In deze eerste procedure beschuldigt de Diksmuidse oppositie, gevormd door N-VA, SP.a-open en Groen de schepenen Marc De Keyrel en Martin Obin (CD&V) en Marc Deprez, Jan Van Acker (Idee Diksmuide) alsook Katleen Winne als gemeenteraadsvoorzitter (Idee Diksmuide) onwettelijk twee voordrachten te hebben ondertekend bij de jongste gemeenteraadsverkiezingen.  Bij een veroordeling zouden de beklaagden tijdens deze bestuursperiode geen mandaat meer mogen opnemen.  Bijgevolg zouden ze hun ambt van schepen en gemeenteraadsvoorzitter moeten neerleggen.  Alleen schepen Gaby Verstraete zou zich hieraan niet schuldig gemaakt hebben zodat hij in zijn schepenzetel kan blijven zitten.
Maar in maart oordeelde de Raad voor Verkiezingsbetwistingen al dat er van een dubbele ondertekening van een voordrachtakte geen sprake is.  Daarop besloot de verenigde Diksmuidse oppositie gezamenlijk in beroep te gaan tegen deze uitspraak bij de Raad van State.  Het is in de aanloop naar de eerste hoorzitting van dit rechtsorgaan dat de auditeur van de Raad van State nu zijn verslag heeft overgemaakt aan de verschillende partijen.  Publiek wordt dit advies pas op het einde van de zitting bij het einde van de debatten.  Maar nu reeds lekte dus uit dat volgens dit rapport de auditeur heel wat kritischer zou staan tegenover de voorgelegde stukken.
Deze auditeur is weliswaar geen aanklager maar veeleer een onderzoeker of adviseur.  Hij maakt alleen een verslag op over de zaak en geeft vervolgens zijn advies in openbare zitting op het einde van de debatten.  In gewone vernietigingszaken volgt de Raad de auditeur wel in zowat 90% van de gevallen maar hier betreft het een uitzonderingsprocedure die betrekking heeft op sanctionering van uitvoerende mandatarissen.  De Xe kamer van de Raad van State zal dan ook nog altijd in alle vrijheid beslissen, los van het advies van de auditeur.
Maar als waarschuwingsschot voor het Diksmuids schepencollege kan dit advies alvast blijkbaar tellen.  En dat dit rapport op vandaag ook al zo wordt ingeschat binnen het schepencollege mag misschien ook blijken uit het feit dat verschillende schepenen, in tegenstelling tot de zitting van de Raad voor Verkiezingsbetwistingen, nu wel het voornemen hebben naar de zitting te zullen gaan.
De zitting vangt aan om 10 uur en is publiek. Ze gaat door in één van de zittingszalen van de Raad van State in de Wetenschapsstraat 37 te Brussel.  Een uitspraak wordt dan nog niet verwacht, deze zou er wel komen in de weken na de zitting.

Daarnaast is er ook nog altijd de procedure tegen burgemeester Lies Laridon die door de oppositie eveneens wordt beschuldigd een dubbele voordrachtsakte te hebben ondertekend waardoor ook zij haar mandaat bij een veroordeling zou verliezen.  In die procedure wordt ook de komende weken het advies van de auditeur verwacht waarna partijen nog kunnen reageren.  Hiervoor heeft men een termijn van een maand. Pas na deze periode kan de zitting volgen.  Maar deze eerste zitting wordt niet meer verwacht voor september. (DLD)

Maandagavond werden tijdens de gemeenteraad de nieuwe toegangsprijzen voor het nieuwe zwembad en sporthalles op sportdomein De Pluimen goedgekeurd.  Bleven de voorbije zes jaar deze prijzen status-quo, nu werden ze aangepast aan de nieuwe infrastructuur.  Voor  het zwembad wordt dat vertaald in een stijging met 10%. Op vandaag kost een zwembadticket 2,20 euro, straks wordt dat 2,50 euro.  Opvallend is wel dat er niet langer een verminderd tarief is voor kinderen en 60-plussers, vanaf de leeftijd van 4 jaar is er een eenvormig tarief van 2,50 euro.  Er zijn voor gezinnen echter 50 beurtenkaarten waarmee de verschillende gezinsleden naar het zwembad kunnen gaan.  Daarmee kost een zwembeurt maar 1,70 euro.  En tenslotte kan eenieder die gebruik kan maken van UITpas, ook gaan zwemmen aan het kansentarief dat slechts 20% is van het gewone gebruikerstarief.  Volgens sportschepen Marc De Keyrel (CD&V) zijn deze tarieven overigens ook vergelijkbaar met wat gevraagd wordt in zwembaden in omliggende steden. En tenslotte zal het nieuwe zwembad nog extraatje hebben: het zal open zijn op zondagnamiddag.

Ook het huren van de sportzalen wordt duurder, met 33% zo rekende raadslid Kurt Vanlerberghe (SP.a-open) voor.  Daarbij maakte hij de opmerking dat Diksmuide langs de ene zijde misschien wel de subsidies voor de verenigingen gaat verhogen maar anderzijds dan weer de huurprijzen van zijn infrastructuur evenzeer verhoogd.  Voor hem is dat gewoon een broekzak-vestzak-operatie.  En dat Diksmuide door softwarebeperkingen zijn tarieven ook niet beter kan afstemmen op het specifiek gebruik door sportverenigingen was voor hem ook onbegrijpelijk.
Maar voor sportschepen De Keyrel moeten deze prijsstijgingen ook gerelativeerd worden.  Procentueel klinken die verhogingen misschien spectaculair, maar in euro’s wordt dat een heel ander verhaal, vooral als men dat verrekend per gebruiker van de respectievelijke vereniging.  Tenslotte zijn de sportzalen, hetzij volledig nieuw, hetzij grondig gerenoveerd.  Uiteindelijk wordt er volgens schepen De Keyrel maximaal 5 euro per zaaldeel gevraagd.  Bij een gebruik door 10 leden van een club wordt dit 50 eurocent per sporter.  Voor de sportschepen heel betaalbare tarieven en eveneens vergelijkbaar met de nieuwe vergelijkbare sportzalen in de regio.  Tenslotte krijgen ook leden van de verenigingen, die aanspraak kunnen maken op de UIT-pas, het kansentarief.
Volgens schepen De Keyrel zullen uiteindelijk slechts 12 verenigingen van de 31 die gebruik maken van de sportinfrastructuur een verhoging krijgen.  En voor 7 van hen is dat maximaal 10%.  Slechts één vereniging krijgt af te rekenen met een stijging van 20%.  Tenslotte betalen 18 sportverenigingen minder dan 1.000 euro op jaarbasis.  (DLD)