Eerbied voor de geschiedenis
Dat scholen fuseren is aanneemlijk en eventueel verdedigbaar. Moet daarbij de geschiedenis geweld aangedaan worden? Hoe oud is de benaming van “ons” college? Is het VTI ook niet gegroeid vanuit dit college en zou op de eerste documenten van deze school ook de benaming “St. Aloysius” ook niet teruggevonden worden.
Een Vlaams spreekwoord zegt “Oude bomen verplant men niet”. – Verwijzend naar dit gezegde zou ik ervoor pleiten ook in de benaming van de fusieschool “St. Aloysius” op een of andere manier te behouden.
Na het verdwijnen van de benaming “Clemens non Papa” voor de stedelijke muziekacademie nu ook de benaming “St. Aloysius” laten teloor gaan is toch van het goede iets teveel.
Als oud-leerling van het college doet het pijn dit op e-Diksmuide te moeten lezen. Zou het schoolbestuur ook best niet wat meer aandacht geven aan deze geschiedkundige benaming vooraleer een definitieve beslissing te nemen. Mogelijks kan een rondvraag met als voorwaarde dat de benaming “St. Aloysius” in de nieuwe naam behouden blijft hulp bieden?
Robert Travers
Zonder auto’s geen files
Wie beweert dat er minder files zouden zijn als er minder auto’s waren, heeft gelijk. Dat de mobiliteit in de kern van ons Diksmuide op niets trekt, is een boutade. Gelijk heeft hij die zegt dat het openbaar vervoer in de Westhoek al altijd in een verdomhoekje heeft gezeten. En ook de bewering dat de miserie in mobiliteit niet alleen in de schoenen van de dames en heren politici moet geschoven worden, klopt.
Maar wat ook nog juist is:
1) Dat er nog nooit een Vlaamse regering is geweest die zoveel geld investeert in fietsmobiliteit. Getallen bewijzen dit. Met 103 miljoen euro in 2017 steeg het investeringsbudget van de Vlaamse overheid voor de fiets naar een historisch hoog bedrag. In 2018 ambieert minister Weyts zelfs 110 miljoen euro aan nieuwe fietsinvesteringen.
2) Dat vanuit Vlaanderen carte blanche is gegeven aan de Westhoek om een passend openbaar vervoer op poten te zetten dat ons uit dat verdomhoekje zou kunnen halen. We verwachten eerstdaags een aanzet van onze lokale burgemeesters en schepenen. Dat zij met kennis van zaken op het terrein een pilootproject op maat van de Westhoek mogen uitwerken is een juist uitgangspunt. Ik las in de pers hierover al innovatieve ideeën, de moeite waard om uit te proberen. We kijken uit naar wat er uit de bus komt.
3) Dat de kern van Diksmuide een ietsje zal ontlast worden van zwaar vervoer na aanleg van de kwartring. Dit is hoopvol maar niet alles zaligmakend. Gezien de niet te begrijpen historische beslissingen van de Diksmuidse politici uit het verleden, zitten we nu eenmaal opgezadeld met een mobiliteitsprobleem dat nooit meer helemaal kan opgelost worden. (Tenzij men van de kwartring alsnog een halve ring maakt, een verbinding met de Oostendebaan) Dit probleem hebben we met N-VA Diksmuide toch proberen aan te pakken met een passend mobiliteits- en circulatieplan. Dit plan is door het huidig bewind weggelachen en dus ook voer voor straks historici, “wat als?”, conform de ‘ringmiskleunen’ anno 1970. Maar het is nu al duidelijk dat je met een verkeersbord en een verkeerslicht de mobiliteit niet mobiel maakt. Een nieuw gemeentebestuur start dus in 2019 met een enorme zware kater.
4) Dat het individu inzake mobiliteit inderdaad meer afstand zal moeten doen van zijn
vierwieler. Politici mogen zorgen voor prachtige nieuwe fietsverbindingen, maar als die niet bereden worden is dat een slechte investering. Op Vlaams en provinciaal niveau worden daarom naast de aanleg van fietsinfrastructuur ook zeer waardevolle initiatieven genomen om mensen op de fiets te krijgen. Het lokale bewind zou betreffend wel iets meer uit hun pijp mogen komen. En het mag ook gezegd dat politici in deze een voorbeeldrol mogen bekleden. En het zit soms in kleine dingen….. Ik heb de eer en het genoegen gehad om als provincieraadslid meerdere keren een nieuw fietspad te mogen inrijden. Nu zou je verwachten dat uitgerekend dan de dames en heren politici daar met hun tweewieler naartoe komen. Ik heb echter tot mijn spijt mogen vaststellen dat ik altijd het enige provincieraadslid was die op zo’n event met de fiets aankwam. Ook collega’s van wiens partij dit vervoermiddel als het ware mee in het banier is opgenomen kwamen er met de auto naartoe. Oh ja, maar voor de persfoto was het met zijn allen toch drummen om met een meestal ontleende provinciale fiets (meegebracht met een camionette van de Provincie W-Vl) het voorplan te halen. ‘t Ja, dat zijn zo van die kleine dingen die het verschil aantonen tussen zeggen, schrijven en doen.
Maar juist, zonder auto’s geen files, of wat dacht je?
Luc Coupillie
Provincieraadslid voor N-VA
Er zijn teveel auto’s
We gaan de fileproblemen niet oplossen door de verantwoordelijkheid hiervoor in elkaars schoenen te schuiven. De echte oorzaak is eenvoudig: er zijn gewoon te veel auto’s, punt. Iedereen die een auto heeft veroorzaakt mee het probleem.
Gisteren plaatste ik op mijn Facebook pagina een pamflet. Dit als persiflage op het pamflet van N-VA dat eerder deze week verscheen. Mijn bedoeling was om aan te tonen dat met de vinger wijzen erg gemakkelijk is maar geen oplossingen geeft. Met enkele kleine aanpassingen verlegde ik de verantwoordelijkheid voor het fileprobleem in Diksmuide van het Stadsbestuur naar de bevoegde minister van mobiliteit Ben Weyts, niet toevallig van N-VA signatuur. De reacties bleven niet uit. “Dit slaat nergens op!” balkte men bij de N-VA.
Het slaat inderdaad nergens op om de verantwoordelijkheid bij Ben Weyts te leggen (en zijn getreuzel met de aanleg van een kwartring rond Diksmuide). Net zo min het ergens op slaat om “gratuit” de verantwoordelijkheid in de schoenen van het stadsbestuur te schuiven. Dit dient enkel de verzuring en polarisering in onze gemeenschap.
De realiteit is er en ze wordt jaarlijks erger: er zijn teveel auto’s en dus worden de files steeds langer, ook in Diksmuide. Alle maatregelen zoals slimme verkeerslichten, een gedoog beleid voor sluipverkeer, een kwartring, noem maar op, zijn druppels op een hete plaat. De komende jaren zal de file in Diksmuide alleen maar aanzwellen. Dat beseffen we allemaal.
We moeten dus dringend op zoek naar alternatieve recepten. Die kennen we ondertussen:
Zorg ervoor dat fietsers en voetgangers op een veilige en comfortabele manier het centrum kunnen bereiken.
Verbeter de leefbaarheid in het centrum door het sluipverkeer te weren zodat fietsers, voetgangers en inwoners er zich terug thuis voelen.
Zorg voor een beter openbaar vervoer van de dorpen naar het centrum.
Zorg dat auto’s comfortabel aan de rand kunnen parkeren.
Dit zijn eenvoudige recepten waar alle beleidsniveaus, van minister van mobiliteit tot schepen van mobiliteit, lokaal en gewest, een verantwoordelijkheid in dragen. Ook wij burgers, hebben een grote verantwoordelijkheid. We moeten ons gedrag durven in vraag stellen…. of de files voor lief nemen.
Gert Maertens
Groen Diksmuide
Open mail aan en antwoord van een schepen
Beste Schepen
Is deze mail nodig? Dat is de vraag die ik me stel wanneer ik hem opstel.
Als schepen van mobiliteit ziet u de huidige situatie in Diksmuide ook, dit alvast als u de knelpunten in Diksmuide zelf in gebruik neemt. Elke avond opnieuw hetzelfde verhaal, wagens staan aan te schuiven van Kaaskerke tot Esen tot ver in de Woumenweg tot ver in het centrum. Toevallig net dat knelpunt dat aangepakt werd (?) tijdens de heraanleg van het kruispunt met bijhorende lichten. Ik hoef u niet duidelijk te stellen over welk kruispunt het gaat. Spijtig te zien dat het probleem niet verholpen is, in tegenstelling daarvan, het is, laat ons eerlijk zijn, nog slechter.
Alles wat beweegt in de nabijheid van het kruispunt loopt gevaar. De tijd die een voetganger krijgt om over te steken is ermbarmelijk om dan nog niet te spreken over de werking van de lichten zelf.
We spreken hier dan nog niet over de kosten van de werken. Een slechte investering met het geld van de belastingbetaler. Spijtig voor ons denk ik dan.
Hiermee toont het dorp Diksmuide opnieuw dat het niet klaar is voor de toekomst. We willen onze handelaars ondersteunen met een nieuwe markt en dergelijke, maar op deze manier kunnen de mensen onze markt,… niet eens bereiken.
Ik raad u aan het probleem alvast te erkennen en als tussentijdse oplossing onze diensten (de Politie) in te zetten om het knelpunt tijdens de spitsuren te verhelpen.
Nee, deze mail is niet overbodig. Nee, ik ben niet de enige die er zo over denkt, maar iemand moet het melden. Hopelijk komt er gehoor aan de klaagzang van velen. Ik heb geen behoefte aan een wijzende vinger naar federale of gewestelijke collega’s. Ik heb behoefte aan een voorlopige en met tijd een duurzame oplossing voor Diksmuide, jullie ‘stad’.
Met Vriendelijke Groet,
Jorre Vynckier
Beste Jorre,
Er zijn 2 elementen:
– door de invoering van de verkeerslichten is er verplaatsing van de filevorming. Wie van Veurne of Oostende komt hoor in niet meer, in tegenstelling tot voorheen. Ik hoor nu mensen die komen uit de richting Esen en uit de richting Woumen.
– sinds deze week zijn de werken in de Bortierlaan begonnen, waardoor heel wat verkeer, dat vroeger het kruispunt Stragier meed, langs hier reed. Deze parallelweg is nu afgesloten, zodat iedereen via Stragier passeert. Dit is evident niet bevorderlijk voor de doorstroming.
Het Vlaamse gewest wordt gevraagd de werking van de lichten aan te passen, zodat er gelijkmatige spreiding is van de filevorming tijdens de spitsuren.
Wil je files wegkrijgen uit Diksmuide centrum, dan moet de zuidwestelijke omleidingsweg er dringend komen en moet de kilometerheffing op de N35 en N369 operationeel worden.
De stad is geen beheerder van de gewestwegen. Indien u het niet eens bent met de afstelling van de verkeerslichten, dan kan u dit bij ons melden, maar is het het Vlaams gewest dat de aanpassing al dan niet uitvoert.
Beste groeten,
Schepen Kurt Vanlerberghe
Van het kind en het badwater
Het artikel ‘ de kortste weg naar Beerst’ met de uitleg van schepen van mobiliteit Kurt Vanlerberghe vraagt om een reactie.
N-VA Diksmuide heeft de verdienste gehad om als eerste een grondige studie te maken van de verkeerstroom door onze stad. Het grondidee om met lussen te werken – zoals in vele steden gebeurt – wordt nu in Diksmuide op een wel erg eigenaardige manier in praktijk gebracht.
Drie redenen waarom het niet verstandig is het kind met het badwater weg te gooien.
1. Laat eerst dit duidelijk zijn: er zijn ongetwijfeld automobilisten die uit de richting Kaaskerke komen en via de Weststraat de weg over de markt nemen om naar Beerst te rijden. Dat is dan sluipverkeer dat de lichten op de N35 wilontwijken. Dat wordt pas ambetant als iedereen dat zou doen, want dan staat het verkeer ook daar dan stil. Dan is dat sluipen een maat voor niks, dat zich zelf zal verbieden en oplossen. Er zijn echter ongetwijfeld ook automobilisten die gewoon naar het centrum komen, daar om welke reden ook netjes parkeren en nadien de richting post of richting Beerst willen nemen. Dat zijn welgekomen bezoekers, dit is geen sluipverkeer. Nu worden beide categorieën over één kam geschoren en worden ze allemaal als “straf” teruggestuurd naar minstens één van de twee verkeerslichten om dan van daar na voldoende lang aanschuiven de weg terug te vinden opnieuw langs de Grote Markt richting Beerst. Daar is een uitdrukking voor: het kind met het badwater weggooien. Met deze maatregel wil men liever alles laten opstroppen op de “gewestwegen”en daar stil te staan dan via een lussensysteem het verkeer vlot te houden. Juist alsof die gewestwegen zelf ook niet pal in het centrum liggen.
2. De auto’s die gedwongen dwars geparkeerd staan op de Grote Markt zullen bij het wegrijden altijd gehinderd worden door andere automobilisten die daar een parkeerplaats komen zoeken of er een verlaten. Ook daarom heeft de ingevoerde maatregel hier weinig meerwaarde.
3. Het weren van sluipverkeer langs de Weststraat en de Grote Markt brengt een bijkomende luxe voor de fietsers aldaar. Maar blijkbaar moet dit dan wel ten koste gaan van de fietsers langs de Stationsstraat, de Laure Fredericqlaan en de Grauwe Broedersstraat.
Als Diksmuide opnieuw een aantrekkelijk centrum moet worden waar ook de auto nog welkom is dan zal er toch uit een ander vaatje moeten getapt worden.
Met vriendelijke groet,
Jan Colaert


