Diksmuidse taal ( = Diksmuidse dialect )…tijdens de gemeenteraad
Al honderden jaren dragen onze voorouders in West-Vlaanderen het West-Vlaamse dialect over naar de volgende generaties…met natuurlijk hier en daar een miniem verschil in de uitspraak . …Geografisch liggen Roeselare/Izegem maar een goeie 20 km/25 km van Diksmuide maar ze “klappen” daar van de skole en in Diksmuide is het ‘schole”…
In de Krant van West-Vlaanderen van 13 februari 2025 schrijft hoofdredacteur Bart Casteleyn een uitermate lezenswaardig artikel over het West-Vlaams als ‘ moedertaal”. Hoe mooi klinken toch uitdrukkingen als : – ‘t is ol gien oar snien – en — ier bie uus ist vele beter— enz. We moeten onze eeuwenoude taal , de taal van onze voorouders, toch behouden ! Is dat niet een plicht en een voorrecht ?
Ik ben niet in de Gemeenteraad van Diksmuide… : “”” ‘t is ol lange geleedn dak er in en bie wos…. “”””” .
Zelf kan ik niet een voorstel indienen voor de dagorde van een volgende zitting van de Gemeenteraad , maar kunnen zowel meerderheid als oppositie eens niet unaniem verenigd een motie stemmen dat de voertaal tijdens de zittingen van de Gemeenteraad van Diksmuide …bij VOORKEUR … het dialect van Diksmuide …zal zijn. Ieder gemeenteraadslid van Diksmuide kan het in 2025 nog “perfekt” spreken….
Dus , een niet-verplichtende regel die als voorbeeld dient voor onze inwoners ! Toekomstgericht….en “” ‘t kost gin soe “ ….
Joost Tryhou
“Oet” Gemeenteraadslid/Schepen (1970-1982)
Wederwoord over dossier Eritreeërs
Geachte Heer Hemelsoen,
Met aandacht heb ik uw reactie gelezen in ’t Manehoekje van 5 februari laatstleden.
In reactie op mijn toegevoegd agendapunt op de gemeenteraad van 27 januari haalt u aan dat alle aanwezige Eritreeërs tot één enkele taalgroep behoren. Ik ga dit noch bevestigen noch ontkrachten; immers ik ben niet taalkundig bevoegd om hier uitspraken over te doen. Indien het echter klopt dat alle Eritreeërs tot één en dezelfde taalgroep behoren, namelijk het Tigrinya , dan toont dit enkel aan dat mijn bezorgdheid terecht is. Ondanks uw ontkennende woorden bestaat Eritrea wel degelijk uit 9 verschillende talen/volkeren; met name de Tigrinya, de Tigre, de Afar, de Saho, de Kunama, de Nara, de Bilin, de Hedareb en de Rashaida.
Het feit dat alle Eritreeërs op het grondgebied tot één en hetzelfde volk behoren bevestigt dus mijn vermoeden dat er sprake is van een aanzuigeffect, hoogst waarschijnlijk veroorzaakt door een soort van mond tot mond reclame. Indien dit niet zo zou zijn dan hadden we een meer heterogene aanwezigheid van de diverse volkeren uit Eritrea. En laat dit nu precies het punt zijn dat ik wilde aankaarten: we hebben hier te maken met een sneeuwbaleffect waarbij de eerste twee Eritreeërs een tweetal volksgenoten contacteren, die op hun beurt elk opnieuw twee anderen en we zijn exponentieel vertrokken. Je hoeft geen wiskundige te zijn om te beseffen dat een dergelijke situatie binnen kortste tijd onhoudbaar wordt. We gaan toch niet dezelfde fouten maken als de ongebreidelde migratie van de jaren 60 en 70 die uiteindelijk geleid hebben tot de gemeenschappen binnen de gemeenschap zoals we die vandaag nog altijd kennen in grootstedelijke gebieden zoals Brussel (vb. Molenbeek) of Antwerpen (vb. Borgerhout)?
Bovendien wil ik ook graag verwijzen naar het Dublin Akkoord, de Europese Verordening waarin wordt bepaald welk land verantwoordelijk is voor de behandeling van een verzoek om internationale bescherming (asiel). Meestal is dat het land waar de vreemdeling het Schengengebied als eerste is binnengekomen. Me dunkt dat dit bezwaarlijk België kan zijn, tenzij we ze natuurlijk massaal laten invliegen. Het feit dat deze Eritreeërs massaal doorreizen naar België is vanzelfsprekend terug te voeren op onze onbeschermde sociale zekerheid. In dit land van melk en honing oefent Diksmuide dan weer een bijkomende onweerstaanbare aantrekkingskracht uit, met alle gevolgen vandien.
Uw gastvrijheid siert u Mr. Hemelsoen, maar de grens tussen gastvrijheid en naïviteit is jammer genoeg flinterdun. Bovendien vermoed ik dat uw gastvrijheid zich beperkt tot het gul rondstrooien met gemeenschapsgelden en zich niet kenmerkt door uw bereidwilligheid om een aantal Eritreeërs bij u thuis op te nemen en in hun onderhoud te voorzien.
Wat uw kritiek betreft met betrekking tot het niveau van de oppositie, nodig ik u graag uit om de gemeenteraad bij te wonen zodat u zich er persoonlijk van kunt vergewissen dat onze tussenkomsten zich niet beperken tot “Asiel & Migratie”, maar dat ook technische dossiers van nabij opgevolgd worden. Het staat u bovendien vrij om de politieke arena te betreden om aldaar van uw democratische rechten gebruik te maken om met mij de degens te kruisen.
In afwachting verblijf ik inmiddels,
Met eerbied,
Geert Mabesoone
Fractievoorzitter Vlaams Belang Diksmuide
Da gade gij niet bepalen
Er was ooit een minister-president die de gevleugelde woorden sprak: “Da gade gij niet bepalen.” Die uitspraak kreeg destijds flink wat aandacht, net zoals de beweringen van meneer Clabeau in het Manehoekje van 31 januari. En net zoals toen, geldt ook nu: dat gaat gij niet bepalen.
Volgens meneer Clabeau is het “een teken aan de wand” dat N-VA Diksmuide een actie opzette rond verkeersveiligheid zonder de andere partijen van de fractie Actie! daarin te betrekken. Interessante interpretatie. Laat ons even helder zijn: vanaf dag één was het duidelijk dat N-VA, Vooruit en Idee Diksmuide binnen Actie! als afzonderlijke partijen blijven functioneren, met ruimte voor eigen initiatieven. Dat was zo afgesproken. En wie zijn wij om daar plots op terug te komen? En wie bent u om dat te bepalen?
Verder verkondigt de heer Clabeau dat ouderen “weer eens” vergeten werden. Misschien had hij beter eerst wat navraag gedaan, dan had hij geweten dat niet enkel jongeren maar ook twintigers en ouderen een beloning kregen als hun zichtbaarheid in orde was. Fake news verspreiden is één ding, maar er zelf zo opzichtig in trappen, is een ander. En ja, ook dat gaat gij niet bepalen.
Dan zijn er nog zijn bespiegelingen over de verkiezingsuitslagen. Volgens hem moeten Vooruit en Idee Diksmuide “zich herbronnen.” Een interessante suggestie, al komt ze uit onverwachte hoek. Partijen en politici trekken hun eigen conclusies uit een verkiezingsuitslag, en dat geldt voor iedereen. Zelfreflectie kan nuttig zijn, voor álle partijen. Ook voor wie nu commentaar levert vanop de zijlijn.
Maar laat ons even terugkeren naar wat echt telt. N-VA Diksmuide is een loyale partner binnen Actie! en zal dat blijven, precies zoals afgesproken. Dat betekent niet dat we opgaan in het geheel, maar wel dat we onze verantwoordelijkheid nemen. En dat blijft zo, zolang het nodig is. Wij zijn hier niet voor de korte termijn, maar voor de lange termijn. En of we dat goed doen? Dat zal de kiezer in 2030 bepalen.
Want dat, meneer Clabeau? Dat gaat gij niet bepalen.
Luc Coupillie
Bestuurslid N-VA
Waterveiligheid in Diksmuide : er ontbreken nog een aantal schakels in de veiligheidsketting
Het stadsbestuur van Diksmuide is volop bezig met het opstellen van het meerjarenplan en de daaraan gekoppelde begroting. Gezien de watergevoeligheid van onze streek en ook onze stad is het wenselijk daar ook het waterdossier in op te nemen.
Mocht er in onze regio evenveel regen vallen als tijdens de ‘waterbom’ in Wallonië in de zomer van 2021, dan zou de schade in het IJzerbekken oplopen tot 73 miljoen euro en zou er 60,1 km² land onder water staan. De bleek uit een studie die De Vlaamse Waterweg uitvoerde op vraag van voormalig minister Lydia Peeters (Open VLD). De minister getuigde met dit initiatief van ‘voortschrijdend inzicht’, durven onderzoeken wat mogelijk binnen 3 maanden, binnen 3 jaar of binnen 33 jaar kan gebeuren. Ministers en andere politici zouden meer deze reflex moeten hebben. Met de studie werd voor zeven Vlaamse rivierbekkens een ‘wat als’-scenario in geval van extreme neerslag uitgewerkt. In de analyse worden er twee scenario’s naar voor geschoven: een neerslaghoeveelheid van 107 mm binnen de 48 uur, zoals in het Demerbekken en 230 mm binnen een periode van 48 uur, zoals in de Vesdervallei (Wallonië) in juli 2021.
Een van de zeven rivierbekkens die in de analyse betrokken wordt is dus het IJzerbekken, dat een groot deel van de Westhoek omvat. Het onderzoek concludeert dat in het IJzerbekken er 12 miljoen euro schade zou zijn bij iets als in het Demerscenario 71 tot 73 miljoen euro voor het Spascenario.. Wat de betreft de totale landoppervlakte die onder zou lopen, kwamen de berekeningen op maximum 32,9 km² bij een regenval zoals in de Demervallei en maar liefst 60,1 km² bij een zoals in de Vesdervallei. Daarbij werd ook onderzocht welke steden en gemeenten het zwaarst te verduren zouden krijgen bij zulke waterbommen. Vooral de streek rond Alveringem en Diksmuide zou op zo’n momenten in de problemen komen. Het waren trouwens de gemeente Alveringem en de Zuidijzerpolder die de aanvraag hebben ingediend om de ‘wat als’-studie uit te voeren. De overstromingen die eind november 2021 het IJzerbekken troffen, waren volgens Pieter-Jan Taillieu, griffier van de Zuidijzerpolder slechts peanuts vergeleken met de waterbom van Spa: ‘toen is er in de Westhoek in 72 uur zowat 80 mm regen gevallen, veel minder dan in Spa’. Pieter-Jan houdt zich al jaren bezig met het waterpeil van de IJzer, maar de nieuwe studie bracht hem toch nieuwe inzichten. “Op 29 november hadden we een historische debietpiek van 110 m³ per seconde in Roesbrugge, maar uit de studie blijkt dat dergelijke neerslageventen pieken kunnen genereren van 138 m³ per seconde. Daarop zijn de bestaande beschermingswerken niet voorzien en dat is wel een eyeopener. Bestaande waterkeringswerken moeten dus waarschijnlijk nog verhoogd worden”. Er is volgens Pieter-Jan ook een verklaring waarom Diksmuide bij een ‘grote’ waterbom veel zwaarder getroffen zou zijn dan bij een ‘kleine’ waterbom. “Bij een grote waterbom zal ook het gebied stroomafwaarts van Fintele onder druk komen te staan. Vervolgens kan het Blankaartgebied zich opvullen, maar daar staan nauwelijks woningen die getroffen kunnen worden en vervolgens zal de druk zich verplaatsen naar het industriegebied Heernisse en de monding van de Handzamevaart in het centrum van Diksmuide. En dan kan je wel degelijk overstromingen hebben in het centrum, waardoor de schade snel kan oplopen’.
De overstroming van november 2021 bewijst samen met de studie nog maar eens dat de overstroombaarheid van de IJzer- en Handzamevallei van levensbelang zijn om vele dorpen, wijken en zelfs stad Diksmuide van regelmatig waterellende te besparen. Dankzij het feit dat de ‘broeken’ nog werken als ‘winterbed’, als overstroombare (vooral) gras- en hooilanden blijft schade aan mens en goederen beperkt.
Een ‘kleine waterbom’ van 107mm in 48 uur zoals in de Demervallei hebben we al eens gehad in 2005 met als grootteorde 130mm in amper 24 u. Tijdens zo’n overstroming komt er 33km² of 3300 ha nodig en dat kan de vallei aan. Hebben we te maken met een ‘grote waterbom’ zoals in de Vespervallei dan hebben we 60km² of 6000 ha overstroombaar gebied nodig waar geen of nauwelijks bebouwing staat. Dat is er op vandaag niet. Daarom moet er dringend werk gemaakt worden van een noodplan waarbij een scenario uitgewerkt wordt en de nodige infrastructurele ingrepen uitgevoerd om het mogelijk te maken dat er in noodgevallen langs de linkeroever van de IJzer water kan geborgen worden.
Sommige politici vonden dat de studie te veel paniek zaait en dat alert blijven voldoende is. Wij hebben daar een andere mening over. De risico’s beperken en zelfs rampenplannen maak je om op het moment dat het bijna ondenkbare wel gebeurd, klaar te zijn om de gevolgen zo veel mogelijk te beperken. Dat bijna ondenkbare kan binnen een paar maanden of binnen pakweg 20 of 35 jaar gebeuren, maar dat het gaat gebeuren staat vast. Het beleid mag echter geen tijd verliezen en moet daar nu geïntegreerd werk van maken.
In heel dat plan moet het IJzerbekken bekeken worden als een systeem zoals het bloedaderstelstel van een lichaam waarbij zowel de slagaders, zijnde de IJzer en de Handzamevaart, maar ook alle kleine en middelgrote aders, zijnde de kleine beken en beekvalleien behouden, niet meer bebouwd of opgevuld en waar nodig hersteld worden. Het noodplan om in zeer extreme gevallen snel water te kunnen langs de linkeroever van de IJzer moet het sluitstuk zijn van dat beleid. Goed voorbereid zijn op het extreme, in de hoop dat het zo weinig mogelijk nodig is. Een beetje zoals het principe van een brandverzekering nemen: hopelijk moet je er nooit een beroep op doen, moet je dat echter wel dan is het goud waard er een te hebben en mag je er niet aan hebben dat je er geen had.
Het volledige rapport is te raadplegen via volgende link: https://www.vlaamsewaterweg.be/sites/default/files/download/wat-als_analyse_simulatie_vlaanderen_-_rapport.pdf
Maar er is ook nood aan een snelle ingreep in een specifieke zone op Diksmuids grondgebied. Tijdens de overstromingen van 2021 was de zone van het industrieterrein Heernisse een zeer kritieke zone. Op het randje werd hier een ramp vermeden. Om in de toekomst overstromingen van het industrieterrein en (een deel) van bewoond Diksmuide te voorkomen, moet in deze zone dringend werk gemaakt worden van een bedijking door een berm of een andere constructie.
Peter Bossu
Eritreeërs moeilijk integreerbaar?
Tot mijn grote verbazing lees ik hier de bewering van oppositielid Mabesoone dat Eritreeërs moeilijk integreerbaar zijn, dat er grote culturele verschillen zijn, dat er 9 talen gesproken worden en dat Diksmuide moet ingrijpen om te vermijden dat er een maatschappij in een maatschappij komt.
Niets is minder waar, ze spreken allen zonder uitzondering Tigryna tevens samen met Engels en in een bepaalde streek Arabisch de voertaal in Eritrea. Grote culturele verschillen? Ze fietsen zoals wij heel graag, een koerste zelfs nog samen met Biniam Girmay. Regelmatig merk ik er enkele op in het Brouwershuys waar ze ook met de Diksmuidelingen praten, verbazend goed in het Nederlands. Kortom een verrijking voor de lokale economie. Ik ben zelfs al uitgenodigd om iets te gaan eten bij hen thuis. Ken er verschillende die werken oa. in slachthuizen wat de Belgen niet graag doen, ook in de groene kans, IJzerheem of in firma’s op het bedrijventerrein.
Deze mensen zijn een schoolvoorbeeld voor integratie en hebben tevens nog geen enkel crimineel feit gepleegd.
Is dit het soort oppositie die we mogen verwachten van de enige oppositiepartij? Denk dat er veel hetere hangijzers in het boterstadje zijn.
Johny Hemelsoen


