Het stadsbestuur van Diksmuide is volop bezig met het opstellen van het meerjarenplan en de daaraan gekoppelde begroting. Gezien de watergevoeligheid van onze streek en ook onze stad is het wenselijk daar ook het waterdossier in op te nemen.

Mocht er in onze regio evenveel regen vallen als tijdens de ‘waterbom’ in Wallonië in de zomer van 2021, dan zou de schade in het IJzerbekken oplopen tot 73 miljoen euro en zou er 60,1 km² land onder water staan. De bleek uit een studie die De Vlaamse Waterweg uitvoerde op vraag van voormalig minister Lydia Peeters (Open VLD). De minister getuigde met dit initiatief van ‘voortschrijdend inzicht’, durven onderzoeken wat mogelijk binnen 3 maanden, binnen 3 jaar of binnen 33 jaar kan gebeuren. Ministers en andere politici zouden meer deze reflex moeten hebben. Met de studie werd voor zeven Vlaamse rivierbekkens een ‘wat als’-scenario in geval van extreme neerslag uitgewerkt. In de analyse worden er twee scenario’s naar voor geschoven: een neerslaghoeveelheid van 107 mm binnen de 48 uur, zoals in het Demerbekken en 230 mm binnen een periode van 48 uur, zoals in de Vesdervallei (Wallonië) in juli 2021.

Een van de zeven rivierbekkens die in de analyse betrokken wordt is dus het IJzerbekken, dat een groot deel van de Westhoek omvat. Het onderzoek concludeert dat in het IJzerbekken er 12 miljoen euro schade zou zijn bij iets als in het Demerscenario 71 tot 73 miljoen euro voor het Spascenario.. Wat de betreft de totale landoppervlakte die onder zou lopen, kwamen de berekeningen op maximum 32,9 km² bij een regenval zoals in de Demervallei en maar liefst 60,1 km² bij een zoals in de Vesdervallei. Daarbij werd ook onderzocht welke steden en gemeenten het zwaarst te verduren zouden krijgen bij zulke waterbommen. Vooral de streek rond Alveringem en Diksmuide zou op zo’n momenten in de problemen komen. Het waren trouwens de gemeente Alveringem en de Zuidijzerpolder die de aanvraag hebben ingediend om de ‘wat als’-studie uit te voeren. De overstromingen die eind november 2021 het IJzerbekken troffen, waren volgens Pieter-Jan Taillieu, griffier van de Zuidijzerpolder slechts peanuts vergeleken met de waterbom van Spa: ‘toen is er in de Westhoek in 72 uur zowat 80 mm regen gevallen, veel minder dan in Spa’. Pieter-Jan houdt zich al jaren bezig met het waterpeil van de IJzer, maar de nieuwe studie bracht hem toch nieuwe inzichten. “Op 29 november hadden we een historische debietpiek van 110 m³ per seconde in Roesbrugge, maar uit de studie blijkt dat dergelijke neerslageventen pieken kunnen genereren van 138 m³ per seconde. Daarop zijn de bestaande beschermingswerken niet voorzien en dat is wel een eyeopener. Bestaande waterkeringswerken moeten dus waarschijnlijk nog verhoogd worden”. Er is volgens Pieter-Jan ook een verklaring waarom Diksmuide bij een ‘grote’ waterbom veel zwaarder getroffen zou zijn dan bij een ‘kleine’ waterbom. “Bij een grote waterbom zal ook het gebied stroomafwaarts van Fintele onder druk komen te staan. Vervolgens kan het Blankaartgebied zich opvullen, maar daar staan nauwelijks woningen die getroffen kunnen worden en vervolgens zal de druk zich verplaatsen naar het industriegebied Heernisse en de monding van de Handzamevaart in het centrum van Diksmuide. En dan kan je wel degelijk overstromingen hebben in het centrum, waardoor de schade snel kan oplopen’.

De overstroming van november 2021 bewijst samen met de studie nog maar eens dat de overstroombaarheid van de IJzer- en Handzamevallei van levensbelang zijn om vele dorpen, wijken en zelfs stad Diksmuide van regelmatig waterellende te besparen. Dankzij het feit dat de ‘broeken’ nog werken als ‘winterbed’, als overstroombare (vooral) gras- en hooilanden blijft schade aan mens en goederen beperkt.

Een ‘kleine waterbom’ van 107mm in 48 uur zoals in de Demervallei hebben we al eens gehad in 2005 met als grootteorde 130mm in amper 24 u. Tijdens zo’n overstroming komt er 33km² of 3300 ha nodig en dat kan de vallei aan. Hebben we te maken met een ‘grote waterbom’ zoals in de Vespervallei dan hebben we 60km² of 6000 ha overstroombaar gebied nodig waar geen of nauwelijks bebouwing staat. Dat is er op vandaag niet. Daarom moet er dringend werk gemaakt worden van een noodplan waarbij een scenario uitgewerkt wordt en de nodige infrastructurele ingrepen uitgevoerd om het mogelijk te maken dat er in noodgevallen langs de linkeroever van de IJzer water kan geborgen worden.

Sommige politici vonden dat de studie te veel paniek zaait en dat alert blijven voldoende is. Wij hebben daar een andere mening over. De risico’s beperken en zelfs rampenplannen maak je om op het moment dat het bijna ondenkbare wel gebeurd, klaar te zijn om de gevolgen zo veel mogelijk te beperken. Dat bijna ondenkbare kan binnen een paar maanden of binnen pakweg 20 of 35 jaar gebeuren, maar dat het gaat gebeuren staat vast. Het beleid mag echter geen tijd verliezen en moet daar nu geïntegreerd werk van maken.

In heel dat plan moet het IJzerbekken bekeken worden als een systeem zoals het bloedaderstelstel van een lichaam waarbij zowel de slagaders, zijnde de IJzer en de Handzamevaart, maar ook alle kleine en middelgrote aders, zijnde de kleine beken en beekvalleien behouden, niet meer bebouwd of opgevuld en waar nodig hersteld worden. Het noodplan om in zeer extreme gevallen snel water te kunnen langs de linkeroever van de IJzer moet het sluitstuk zijn van dat beleid. Goed voorbereid zijn op het extreme, in de hoop dat het zo weinig mogelijk nodig is. Een beetje zoals het principe van een brandverzekering nemen: hopelijk moet je er nooit een beroep op doen, moet je dat echter wel dan is het goud waard er een te hebben en mag je er niet aan hebben dat je er geen had.

Het volledige rapport is te raadplegen via volgende link: https://www.vlaamsewaterweg.be/sites/default/files/download/wat-als_analyse_simulatie_vlaanderen_-_rapport.pdf

Maar er is ook nood aan een snelle ingreep in een specifieke zone op Diksmuids grondgebied. Tijdens de overstromingen van 2021 was de zone van het industrieterrein Heernisse een zeer kritieke zone. Op het randje werd hier een ramp vermeden. Om in de toekomst overstromingen van het industrieterrein en (een deel) van bewoond Diksmuide te voorkomen, moet in deze zone dringend werk gemaakt worden van een bedijking door een berm of een andere constructie.

Peter Bossu