Toen in 2004, bij het afbreken van de betonnen brug over de IJzer bij Tervaete (Keiem), een gebied van 1,1 hectare van de zuidelijke talud vrij kwam, werden deze gronden door het Agentschap voor Natuur en Bos ingericht als een vispaaiplaats, zeg maar een “vissenmoederhuis”.  Via een kleine doorgang door de IJzerdijk konden vissen in deze stromingvrije inham hun eitjes leggen.  De oevers kregen er een grillige vorm, er kwam een eilandje in het midden en er werden verschillende dieptes gecreëerd, ideaal als voorplantingsplaats voor vissen.  Maar na 2 jaar stopte de opvolging van deze verdoken natuurparel.  Het gebied verwaarloosde en de floradiversiteit daalde er zienderogen.  Eddie Duthoit, die zijn eindwerk natuurgids wijdde aan dit uniek stukje natuur die ooit een grote diversiteit aan fauna en flora kende, trok aan de alarmbel.  De Waterweg (voorheen Waterwegen en Zeekanaal) die nog steeds eigenaar is, het Diksmuids stadsbestuur, het Regionaal Landschap IJzer en Polder (RLIJP) en Natuurpunt IJzervallei sloegen daarop de handen in elkaar, een overeenkomst werd gesloten om deze vispaaiplaats opnieuw optimaal te beheren.

Hoog opgroeiend gras en riet, en verder de wilgen- en elzenopslag zorgden er volgens Eddie Duthoit, die voortaan conservator wordt van dit natuurdomein,  voor dat door een gebrek aan voldoende zonlicht en een teveel aan schaduw het gebied dicht groeide en slibde.  Met de nu gesloten overeenkomst, die zaterdag officieel werd bezegeld, zullen RLIJP en Diksmuide alvast het achterstallig beheer voor hun rekening nemen.  Diksmuide zal volgens schepen Martin Obin in eerste instantie het achterstallig maaibeheer aanpakken zodat kruidachtigen opnieuw alle kansen krijgen.   RLIJP zal dan weer de wilgen- en elzenopslagplaats verwijderen zodat de vispaaiplaats opnieuw opener wordt.  Vrijwilligers van Natuurpunt hebben ook alle knotwilgen afgezet.  Natuurpunt IJzervallei zal trouwens voortaan ook het beheer verder opvolgen.   Diksmuide zal er ook voor zorgen dat het pad rond de paaiplaats opnieuw toegankelijk wordt en verbinding geeft met de Zijdelingstraat.  Toch is het volgens Diksmuids schepen Karline Ramboer geenszins de bedoeling dat deze vispaaiplaats een druk bezochte plaats wordt.
Voor Valentijn Despeghel van RLIJP is deze vispaaiplaats weliswaar met 1.1 hectaren een heel klein natuurgebied in vergelijking met de grotere nabijgelegen Viconiaputten in Stuivekenskerke die 35 hectaren tellen.  Maar de stapsteenfunctie van het reservaatje Tervaete als natuurverbinding is des te belangrijker.  Een netwerk van kleine natuurgebieden zorgt er immers ook voor dat planten en dieren kunnen migreren en deze beweging is essentieel voor de biodiversiteit.  Ook het aanplanten van nieuwe bomen  in de Tervaetestraat moet gezien worden als een schakel binnen dit natuurnetwerk.

Michel Maeckelbergh herinnerde er zaterdag tenslotte nog aan dat op nauwelijks 300 meter van deze plaats, waar nu nieuw visleven een kans wordt geboden, een eeuw terug meer dan 900 jongens het leven lieten tijdens de Slag om Tervaete in oktober 1914.  Een slag die overigens achteraf door de Duitsers niet werd omschreven als een “slag” maar als een “slachten”.  Stads- en milieugids Michel Maeckelbergh hoopt dan ook dat het reservaatje en zijn vissen, in tegenstelling tot deze gesneuvelden, wel een mooie toekomst mogen krijgen, samen met de nabijgelegen Viconiaputten. (DLD)