Kerk en Sinterklaas heel vaak de zwartepiet

Dat onze katholieke kerk niet zo heilig is als Zijne Heiligheid de paus is een publiek geheim. De bakken kritiek die het instituut op zijn bakkes krijgt zijn echter in wanverhouding met haar veronderstelde schijnheiligheid.  Sommige critici houden zich namelijk onledig met spijkers op laag water te zoeken of zout  te leggen op alle slakken die op hun weg liggen.  Anderen vermaken zich met het afschieten van hun frustraties op kerkelijke doelwitten.  Tenslotte zijn er nog de criticasters die eigengerechtig hun ongezouten mening uitspuwen op het kerkelijk instituut in een poging om de kerk  met de grond gelijk te maken nog vooraleer die  leeggelopen is.  Volgens deze lui  zouden er geen godsdienstoorlogen zijn mochten er geen religies bestaan. Zo kan je evengoed beweren dat er geen rassenstrijd zou zijn indien alle volkeren Chinezen waren  Er zijn immers redenen te over om met elkaar in de clinch te gaan zoals de herovering van verloren territoria, de verovering van het heelal, oorlogen om natuurlijke rijkdommen en dergelijke meer.   Gode zij dank zijn  er  gelovigen die de  kerk in het midden willen houden en zich verheugen over de positieve rol die ze heeft vervuld in het verleden . Denken we onder meer  aan haar inspanningen voor de afschaffing van de slavernij, intensivering van het moreel besef en… het verplichte celibaat voor katholieke priesters, teneinde te voorkomen  dat een  horde bazige schoonmoeders zich gaat bemoeien met de huishouding van het kerkelijk apparaat,  Dat nog lang niet alle gelovigen dood en begraven zijn kon men aan den live ondervinden op het hoogfeest van Allerheiligen  in onze decanale kerk, toegewijd aan … Sinterklaas. 

De grote kindervriend had wellicht een déjà vu  toen hij onze kerk beetje bij beetje zag vollopen. Indien hij zag vanuit de  hemel hoeveel Europeanen de viering op televisie aan het volgen waren was hij  wellicht ei zo na van zijn sokkel gesukkeld van alteratie.  Bovendien was dit spektakel  vermoedelijk een grote troost voor de Sint in tijden van felle kritiek op zijn heiligheid.  Een stelletje armzalige zielenpoten beschuldigt de weldoener er namelijk van dat hij een zwarte slaaf heeft ingehuurd om het vuile werk op te knappen tijdens zijn nachtelijke tochten. Dat men Sinterklaas de zwartepiet toespeelt van dit zogezegd misdrijf is van de pot gerukt en hoogst onrechtvaardig. Onze generaties weten dat de Sint zijn Piet zwart ziet omdat hij met de schoorsteen in huis valt in plaats van met een of andere deur.  Lange tijd had ik een kinderlijk vertrouwen  in de goede Sint, zelfs toen ik reeds in het vijfde studiejaar zat.  Nochtans spaarden mijn kameraden van destijds zich geen enkele moeite om mij te overtuigen  van het feit dat Sinterklaas je moeder is maar ik had daar geen oren naar.  Zo achterlijk was ik nu ook weer niet.  Hoogstens kon de heilige man mijn vader zijn en ik zijn teergeliefde zoon.  Hoe dan ook, mijn vertrouwen in de Sint heeft de tand des tijds doorstaan tot op de dag van vandaag.  Onlangs nog stond ik quasinonchalant voor het aanschijn van onze patroonheilige met twee brandende kaarsen in de hand en …een truitje van  Eddy Merckx over mijn schouders. Bedoeling was een deal te sluiten met de Sint, in dien verstande als ik de hoofdprijs in de Lotto won, twintig procent van de opbrengst zou afdragen aan Welzijnsschakel ’t Vlot. Mijn plannetje  ging echter niet door., heel spijtig voor het Vlot. Ofwel vond de Sint die twintig procent  belachelijk weinig, ofwel vertrouwde  hij het hele zaakje  niet en vermoedde dat ik alles voor mij zou houden.  Nochtans ben ik niet zoals Alexander, alles voor mezelf en niets voor een ander…En voor ik het nog vergeet, Sinterklaas kapoen,  die vijftig tinten grijs of zo, die je mij gaf verleden jaar, heb ik al drie keer uitgelezen…

Jo Han – 8 december 2018


 

Binnenkort wordt het gevoelig warmer en blaast er een nieuwe wind door onze boterstad

Het politieke spel is gespeeld. Opnieuw zijn er winnaars en verliezers uit de bus gekomen.  Dat hoort nu eenmaal bij een spel.  Bij ons is de rechtse partij van boegbeeld Marc Deprez de grote winnaar van de verkiezingen geworden.  Kleine verliezer is de …averechtse partij van boegbeeld Kurt Vanlerberghe.  Nochtans hebben beide partijen hetzelfde thema bespeeld tijdens de recente kiescampagne, met name de focus op ons klimaat,  De p van Marc Deprez, wil een nieuwe wind laten waaien doorheen  onze stad en de p van averechts heeft beloofd om zich  in te zetten voor een warmer Diksmuide. Zo moeilijk kan dit laatste manoeuvre niet zijn vermits onze planeet zich al geruime tijd aan het opwarmen is.  Bijgevolg zal dit fenomeen een gunstige weerslag hebben op onze huidige maatschappij.  Sociologen  over de ganse wereld zijn het er immers grondig over eens dat het klimaat zijn invloed heeft op het karakter van het menselijk ras.  Om die reden spreekt men van koele Noorderlingen en warme Zuiderlingen.  Zelfs op onze eigenste boerenbuiten kan men reeds vaststellen dat de opwarming van de aarde een positief effect heeft op onze menselijke gedragingen.  Zo zijn onze mensen een ietsjepietsje vriendelijker geworden tijdens de laatste decennia.  Heb ik aan den lijve ondervonden toen ik te lang geparkeerd stond met mijn wagen op de kiss&ride -zone aan het station.  Een agent van de politie kwam naar me toe en   merkte heel voorzichtig op dat dit niet de bedoeling kon zijn van een kus&rij – zone. Toen ik de man er attentvol op wees dat er op het betreffende  verkeersbord geen aanduiding stond hoeveel tijd het kussen in beslag mocht nemen gaf hij mij een  overschot van gelijk en voegde er meteen aan toe dat hij precies hetzelfde zou doen als ik met zo’n een schone dame aan zijn rechterzijde.   Vooraleer de agent rechtsomkeer maakte excuseerde hij zich voor het storen en wierp een goedgericht kushandje naar mijn vrouw.  Ik geloof oprecht dat er een nieuwe generatie politieagenten zit aan te komen.  Enkele maanden terug had ik voor hetzelfde misdrijf  gegarandeerd twee boetes opgelopen, eentje  voor te lang parkeren en een bekeuring voor grensoverschrijdend gedrag.
Laten we echter ons enthousiasme nog even in toom houden want één  zwaluw maakt de politieke lente niet.  Twee zwaluwen misschien wel.  Veel zal afhangen van het soort wind de kopman van Idee over onze Vlaamse velden wil laten waaien. Indien blauw kiest voor een wind uit het Hoge Noorden, is de kans zeer groot dat de blauwen op korte tijd een  blauwtje  oplopen.  Kiest hemelsblauw echter voor een zachte bries uit het zonnige  Zuiden , dan wordt dit wellicht een droomscenario voor de politici van de bestuursmeerderheid gesteund door de  p van averechts en de p van de grasgroene Gert.  Bovendien staat er opnieuw een vrouw als burgemeester aan het roer Een harde tante die van politieke wanten weet en met het grootste gemak haar maannetje kan staan.  Bewijs hiervan is dat onze fiere Vlaamse leeuw – haar grootste politieke belager – opnieuw naast de macht heeft gegrepen.  Vooreerst moet het verslagen beest de tijd nemen om zijn wonden schoon te likken en zijn frustraties door te spoelen.  Pas daarna kan hij zich bezinnen over een efficiëntere vechttechniek en hopen met de moeder der wanhoop, dat de wind van Marc  spoedig gaat liggen en Deprez’ historie achter de rug zal zijn. “Niet zo direct  om vrolijk van te worden” zou het baasje van ons leeuwke zeggen…

Jo Han – 10 november 2018


 

Zondag 14 oktober: Hoogfeest van de democratie

Als de weergoden hun gelijk halen zullen we  op 14 oktober 2018 een zondag krijgen om U tegen te zeggen, althans wat de temperatuur betreft.  Voor sommige politici wordt het wellicht nog iets warmer, vooral onderaan hun voeten.  Dit laatste fenomeen is geen gevolg van de opwarming van onze aardbol maar valt toe te schrijven aan het feit dat hun bestuurszetel in de gemeenteraad op het spel staat en zij bijgevolg op de reservebank moeten zetelen voor de volgende legislatuur ofwel een punt moeten zetten achter hun politieke carrière.  Plezant is anders.  Veertien oktober wordt tevens  een hoogdag van de democratie want elke stemgerechtigde mag zijn stem laten klinken in de stille hoop dat hij of zij  wordt gehoord. Persoonlijk ben ik nog niet volledig in de stemming om te gaan stemmen maar dit komt nog wel. Ik zal mijn eerdere belofte alvast nakomen om mijn stem te geven aan elke vrouw die prijkt op de lijst van mijn keuze, hoe blond dat vrouwmens ook mag zijn.  Trouwens, blond of zwart of herfstkleurig, het maakt voor mij niet zoveel uit.  De vraag die mij het meest bezighoudt is of ik een stem zal ,uitbrengen op de lijst van de huidige bestuursploeg of zal kiezen voor verandering  Het valt niet te ontkennen dat de vorige bewindsploeg puik werk heeft verricht in de afgelopen zes jaar.. Denk maar aan de restauratie van het stadhuis en de de renovatie van onze grote markt.  Dat er enkele schoonheidsfoutjes zijn gemaakt is een feit.  Zo heeft mijn gaaf en fris gelaat  donderdag laatstleden een schoonheidsfoutje opgelopen tijdens een partijtje struikelen over een van die bijna onzichtbare  ‘biggenruggen’ op de grote markt en dit was niet de eerste keer.  Michel, een vriend van mij die ooggetuige was van het gebeuren kwam meteen toegesneld en hielp mij overeind..  Hij gaf mij tevens de wijze raad om in het vervolg wat beter uit mijn ogen te kijken en indien nodig  een bezoekje te brengen aan ‘de dame met de sexy oorbellen.’  Wat mijn overbezorgde vriend daarmee bedoelde is mij tot op vandaag een raadsel.

Enkele weken terug was er een verkiezingsdebat in een deelgemeente van onze boterstad naar aanleiding van de komende gemeenteraadsverkiezingen.  Een naïeve zestigplusser met een nochtans hippe bril legde de vraag voor  aan de heren en de dame van het panel of zij alle vier met de hand op het hart en zonder blozen durfden beweren dat zij  geen weet  hebben van een eventueel voorakkoord tussen bepaalde partijen. Eerste schepen Kurt Vanlerberghe antwoordde daarop laconiek dat hij nooit of te nimmer nog bloost, in welke omstandigheden hij ook verkeert   Dus ook niet als hij een of andere leugen verzint.  Een leugentje om bestwil uiteraard.

Voorakkoord of niet, de kiezer zal dit hoogstwaarschijnlijk nooit te weten komen. Volgens ingewijden in het plaatselijke politieke reilen en zeilen beschikt de lijst  van   burgemeester  Lies Laridon over de meeste troeven en de laatste peilingen bevestigen deze theorie. Nu nog even uitkijken naar zondag tot alle stemmen zijn geteld.  Pas dan kan het serieuze werk beginnen en een bewindsploeg  worden gevormd in de hoop dat er niet  aan koehandel wordt gedaan want  fair trade duurt veruit het langst.  Vraag het maar aan Tijl Devriendt, fairtrade-ambassadeur van Diksmuide en aan Rik Maekelberg , plaatselijk voorzitter van de Noord-Zuidraad.  Laat ons alvast hopen dat onze stad de komende zes jaar op een goed en efficiënt bestuur kan rekenen want daar hebben haar inwoners recht op. Ter afronding wens ik alle politici van goede wil  dat zij heelhuids en ongeschonden uit de verkiezingen komen want een politicus  of een politica restaureren vraagt een oeverloos geduld en kost hele hopen geld en wellicht is dat kostenplaatje niet opgenomen in de begroting van dit of volgend jaar…

Johan Devos – 13 oktober 2018


 

Mia (met een knipoog naar Gorki)

Het was precies zoals de weervrouw het had voorspeld.  Reeds enkele dagen moesten  alle vorige warmterecords er een voor een aan  geloven.  Binnenblijven was de boodschap, tenzij je ergens een plekje in de luwte kon bemachtigen.  Omstreeks drie uur in de namiddag had ik een zeldzaam zitje veroverd op het buitenterras van ’Hotel de Vrede’.  Alle klanten leken verdwaasd door de aanhoudende hitte en zaten stilzwijgend voor zich uit te staren.  Alexander – de jonge waard des huizes –  bracht mij een warme choco, alhoewel ik niets had besteld.   ‘Dit is er eentje van het huis’,  zei hij.  Toen viel het mij op dat iedereen, man of vrouw, jong of oud, warme choco aan het slobberen was.  Het ganse tafereel leek zo onaards dat ik me ernstig afvroeg of ik  een dezer dagen een zonneslag had opgelopen. Terwijl ik aan het dagdromen was had ik de jonge vrouw niet opgemerkt die plotseling aan mijn linkerzijde stond en vroeg of ze naast mij mocht plaatsnemen, de enige vrije plaats op het schaduwrijk terras.  Ik knikte instemmend en lachte haar ietwat verlegen  toe.  De dame in kwestie was groot en slank en helemaal in het wit.  Haar lange goudblonde haren liet ze op haar smalle schouders rusten.  ‘ Mijn naam is Mia’, fluisterde ze  en vroeg vervolgens hoe ik heette.  ‘Han’, antwoordde ik ‘Jo Han om precies te zijn.’  ‘Klinkt een beetje Chinees voor mij’, zei de vreemde dame in maagdelijk wit en zette meteen de toon voor een lange conversatie.  Toen ik op het punt stond het gesprek af te ronden vroeg ze mij op de man af ‘kan jij nog dromen Jo Han?’  Er ging een koude rilling door me heen toen ze mijn naam uitsprak.  Nooit eerder had een vrouwelijk wezen mij op die manier aangesproken.  Ik hoopte dat het aan haar voorbijging dat ik lichtjes bloosde.  ‘In geen enkel geval’, herpakte ik mij, ‘dat soort dromen durf ik  helaas niet  meer te dromen in deze keiharde, niets en niemand ontziende wereld waar er geen enkele plaats meer is voor dromers en romantici zoals ik.  Daarenboven moet ik binnenkort voor eeuwig en altijd afscheid nemen van een goeie vriend en zielsverwant en dat valt mij uiterst zwaar.’  ‘Ik heb serieus met jou te doen, Jo Han’, probeerde Mia mij te troosten, “maar hoe dan ook mogen wij het dromen nooit of te nimmer opgeven, in welke situaties we ook verzeild geraken.’  Voor mij was het zonneklaar, Mia had het Licht gezien. ‘Laten we er eentje op drinken’, stelde ik haar voor  ‘en vertel me ondertussen  alles wat je weet over… het Licht.’

 ‘Wie is die Mia eigenlijk’, vroeg mijn vrouw terwijl ze mij met de allergrootste moeite wakker probeerde te schudden.  ‘De vrouw van mijn dromen, in de letterlijke zin van het woord’ zuchtte ik, nog enigszins versuft van die uiterst vreemde droom.  ‘Straks tijdens het ontbijt wil ik er alles over horen’, benadrukte zij  ‘Van A tot bijna Z’ beloofde ik haar heel plechtig.  Over die ‘coup de foudre’ die ik kreeg toen Mia mijn naam uitsprak zou ik misschien wel beter zwijgen als vermoord..   ‘Maar hoe zie je er uit’, riep mijn echtgenote toen ik beneden kwam voor het ontbijt, blijkbaar  heb je de laatste dagen alle waarschuwingen van de weervrouw in de wind geslagen en veel te lang in de verschroeiende hitte  rondgelopen zonder enige bescherming tegen het verraderlijke zonlicht.  Als je het mij vraagt heb je een ferme zonnesteek opgelopen of een slag van de molen gekregen, vandaar je vreemde droom van vannacht.’

Toen ik enkele dagen nadien langs ’Hotel de Vrede’ passeerde kwam Alexander naar me toe en zei ‘à propos kameraad, die wondermooie dame in het wit die recentelijk naast jou zat op het terras heeft een enveloppe achtergelaten te uwer attentie. Totaal van de kaart opende ik de briefomslag, nam het kaartje er uit en las: Dankjewel  Jo Han voor de vertrouwelijke babbel.  Ik hoop van harte dat je mettertijd opnieuw zal kunnen dromen. Tussen haakjes: het traktaat dat je mij had beloofd heb ik met veel plezier zelf betaald, gezien je van het ene op het andere moment uit mijn leven was verdwenen.   Het ga je verder goed Jo Han en wellicht …tot nooit meer…

Johan Devos – 8 september 2018


 

De lotgevallen van Leo en Lea

Leo en Lea, twee uiterst flinke lammetjes, die momenteel nog vrij en vrolijk rondhuppelen op een weide van ‘Water en Vuur’, renden om het hardst tot bij mij, alhoewel ik enkel en alleen naar Leo riep.  Dit schilderachtige tafereel deed zich onlangs voor op de site van de voormalige Broederschool in Diksmuide. Geruchten doen echter de ronde dat Leo en Lea – broertje lam en zusje lam, telgen van een voornaam en gerespecteerd schapengeslacht – wellicht heel binnenkort voor eeuwig en altijd van elkaar gescheiden zouden zijn.  Het komt er in feite op neer dat één van de twee lammetjes op zijn of haar laatste pootjes aan het rondhuppelen is.

Of de lammetjes in kwestie zelf beseffen dat het zwaard van Damocles boven één van hun onschuldige kopjes  hangt en hen bijgevolg  van schrik zou kunnen ‘verlammen’, is een reuzegroot vraagteken.  Om hen nooit of nimmer te vergeten heb ik in bovengenoemde schapenweide een prachtige selfie gemaakt met links van mij de  naïeve Leo en aan mijn rechterzijde de lieftallige nietsvermoedende Lea.  Was ik op heden betalend lid van ‘Le front de libération des animaux’ dan zou de drang zeer groot zijn om het  met hun leven bedreigde tweetal, stante pede uit hun netelige situatie te bevrijden en naar veiliger oorden over te brengen.  Maar aangezien ik jammer genoeg geen lid ben van deze mega leuke organisatie sta ik volkomen machteloos en een reddingsoperatie opzetten in mijn dooie eentje zie ik hoegenaamd niet zitten.Het gevoel van onmacht zal mij wellicht nog heel wat parten spelen in de eerstkomende weken.  De apotheose van het dodelijk spektakel ligt trouwens niet zover meer van ons af.  Met het draaien van de thriller ‘The silence of the lambs’, een film uit1991 naar het boek van Thomas Harris: ‘De schreeuw van het lam’, doen de organisatoren van ‘Stad zonder Stroom’ een poging om de spanning tot het uiterste te drijven.  Daarenboven leggen ze de uiteindelijke beslissing  om één van de lammeren een kopje kleiner te maken  in handen van het volk.  Het zoveelste bewijs dat           L’ histoire se répète, want ongeveer tweeduizend jaar geleden deed zich precies hetzelfde scenario voor in Jeruzalem. Toen liet Pontius Pilatus het volk kiezen tussen Jezus van Nazareth en de gevreesde Barabbas en zoals dat nogal dikwijls gaat in een verkiezingsstrijd stemde het volk voor …de verkeerde persoon. Bijgevolg werd Jezus, zoon van een eenvoudige timmerman, zo onschuldig als een lam, ongenadig aan het kruis gespijkerd in Golgotha, een plaats eventjes buiten de muren van de stad. ‘Geluk bij een ongeluk”, zouden flauwe grappenmakers zeggen, ‘dat Jezus zijn kop heeft kunnen houden, want verrijzen zonder hoofd zou nogal horror zijn’. 

Ondertussen bereidt Diksmuide zich angstvallig voor op …de schreeuw van het lam.  Pas op woensdag 22 augustus zullen de bezoekers van het zomerrestaurant Stroomloos, gelegen op de bloemenweide van de oude Broederschool, beslissen wiens kopje er moet rollen, dat van Leo of dat van Lea. Tenzij het gezond verstand alsnog de bovenhand zou halen en men zou opteren voor een ‘lamloze’ maaltijd  Op die manier zou onze boterstad geschiedenis kunnen schrijven net zoals onze dappere Rode Duivels onlangs in Kazan.  Het zal dus nog enkele weken nagelbijten zijn vooraleer Diksmuide  het resultaat van de volksstemming zal kennen. Laten wij in afwachting met zijn allen duimen voor de ietwat naïeve Leo en de lieftallige nietsvermoedende Lea. Met alle duimen waarover we momenteel nog beschikken…

Johan Devos – 13 juli 2018


 

Met stomheid geslagen

Tijdens de laatste winterkoopjes kocht ik een twijfelaar in het overbekende Matrassenhuis van onze teergeliefde boterstad, met het verrassende gevolg dat ik sindsdien ben gaan twijfelen aan God en aan klein Pierke.  Maar in eerste instantie aan mezelf.  Tenzij de kritische mail die ik op het hoogfeest van Pinksteren van een ontevreden lezer in de bus kreeg, daar eveneens voor iets tussen zit. Kritiek weliswaar op de inhoud en de stijl van mijn maandelijkse cursiefjes.  Dat ik tuk ben op woordspelingen die veelal niet ter zake doen.  Dat ik vervolgens overvloedig fantaseer over onbenullige dingen en er bovendien voornamelijk op uit ben om ‘gedurfd’ geestig te zijn.  Dat ik tenslotte bij momenten ver over de schreef ga en mij bezondig aan veel te lange nietszeggende zinnen. Uitgerekend op het feest van de vurige tongen werd ik met stomheid geslagen Bijgevolg maakte de twijfel zich meer en meer meester over mij.  Twijfel onder andere of het een meerwaarde betekent voor mijn vrouw dat ze met mij is  getrouwd en niet met haar eerste lief, een zuiplap van formaat en een verschrikkelijke egoïst.  Eertijds had ik de gewoonte om mij tot God te wenden als ik verlamd werd door angst en twijfel.  Vandaag ben ik vergeten waar ik Hem kan vinden, ogenschijnlijk omdat ik Hem geen vaste plaats geef in mijn leven.  “ Als je wil hebben dat je je  spullen onmiddellijk terugvindt, moet je die steeds op dezelfde plaats leggen”, zei mijn mama indertijd toen ik vergeefs op zoek was naar mijn schoolattributen.  Heb ik  niet gedaan met God.  ‘Je kan Hem nochtans herkennen in de minsten van de Zijnen’, predikte deken Wilfried kortelings vanop zijn symbolisch spreekgestoelte in de kerk van Diksmuide City,  Deken Wilfried heeft Gods wijsheid  in pacht  ontvangen op de dag van zijn priesterwijding en ikzelf de angst en de twijfel op de dag van daag. Recentelijk werd ik door God  ernstig op de proef gesteld toen ik danig  in de mot kreeg dat er ene van de minsten van de Zijnen wezenloos zat voor zich uit te staren op  een terras recht tegenover dat van ‘Bistro de Mane’, waar ik een koffie van branderij Jacques aan het nuttigen was.  De man in kwestie leek doodongelukkig en ook een heel klein beetje dronken.  Dankzij deken Wilfried herkende ik onmiddellijk God in hem.  Om de een of andere reden werd hem een volgende pint geweigerd waarop hij moeizaam naar zijn gammele fiets stapte en zigzaggend de weg opreed.  Misschien wel de weg naar nergens.  Ik was even  te laat om mij over de minste van de Zijnen te ontfermen en dit met spijt in het hart omdat ik een hemelse schrik heb van zielenpoten die zigzaggend over de straten rijden, zelfs al zijn ze God.  Het is zo al gevaarlijk genoeg voor de zwakke weggebruiker in onze ‘Stad aan de IJzer.’

De vraag die mij intens bezighoudt is hoe de redactie van ediksmuide zal reageren  op de vernietigende mail van bovengenoemde kritische lezer.  Tijdens de grote vakantie zal ik allicht  te weten komen of  mijn contract van columnist al dan niet verlengd zal worden.  Als dit niet zo is hebben jullie – mijn allerliefste trouwe lezers – de laatste woorden  van mij gelezen.  Woorden van geluk omdat ik u allen heb mogen ambeteren met mijn soms wel heel bizarre hersenkronkels maar ook woorden van verdriet om het afscheid dat er eventueel zit aan te komen. Hopelijk staan er dan mensen klaar om mij op te vangen en te troosten.  Medemensen die in mij een glimp van een vertwijfelde God ontwaren  die de ellende van de wereld niet langer in de ogen durft te kijken en zijn toevlucht zoekt tot enkele frisse pinten Belgisch bier om de weg der eenzaamheid psychologisch aan te kunnen.. Misschien wel een weg die leidt naar nergens. Wat ben ik blij dat ik God niet ben en hoogstwaarschijnlijk nooit zal worden.  Dat is een van de weinige zekerheden die mij vandaag nog resten…

Johan Devos – 9 juni 2018


 

Mijn vadertje 
(met een knipoog naar G. Gezelle 1/5/1830 – 27/11/1899)

Wandspreuken die in onze naoorlogse periode in geen enkel Vlaams huisgezin mochten ontbreken waren onder meer ‘De schoonste naam op ’t wereldrond, het schoonste woord uit menschenmond, ’t is moeder’, evenals  ‘Wie werkt voor vrouw en kind en wordt door hen bemind ‘t is vader’ en de allerbelangrijkste, ‘ God ziet u, hier vloekt men niet.’   Meestal bevonden deze spreuken zich in de onmiddellijke nabijheid van de gekruisigde Jezus.   ‘Hij was rechtvaardigheid.  Hij had den zware last op zich geladen, een eerlijk man te zijn in woord en daad.’  Ik heb het nu over mijn vader zaliger.  Die  goede eigenschappen had hij van mij, het gezegde indachtig ‘zo de zoon, zo de vader.’  Hij is net  geen zevenennegentig geworden en in de loop der jaren meer en meer op mij beginnen lijken.  Als hij ter aarde werd besteld in de fopmaand van het jaar  2013 onder de schaduw van onze ‘in 1985 afgebrande dorpskerk’, was het alsof ik mijn eigen uitvaart bijwoonde en mijn persoonlijk gedachtenisprentje in handen kreeg.  Groot was het gemis en lange tijd erna was ik nog steeds ‘zo eenzaam zonder mij.’  Als ik heden voor het zelfontworpen zerk van mijn – nog steeds dode – pa sta, klets ik met hem alsof ik tegen mezelf aan het zeveren ben. Mijn vader zaliger – nog lang niet zalig verklaard en dit zit er trouwens niet onmiddellijk aan te komen gezien de ellenlange wachtlijst  – had een zwak voor de zwaksten onder ons.  Ik herinner mij nog levendig het volgende merkwaardige verhaal.  Een zeer naarstige en gedreven maar ietwat onhandige doe-het-zelver, uit een deelgemeente van Diksmuide, had zich voorgenomen  om zijn eigen stek te bouwen. Het resultaat was dat het probeersel een zodanig scheve indruk naliet bij de buurtbewoners dat zij het niet konden laten om de leerling-bouwer te bespotten.  Mijn pa kon daar niet mee lachen vanwege zijn rechtvaardigheidsgevoel dat hij van mij had geërfd.  Op een winterse vriesnacht van vijf onder nul, bij volle maan en klare sterrenhemel, heeft hij zijn stoute schoenen aangetrokken – hij had er trouwens geen andere – en een zelf ontworpen plakkaat boven de scheve voordeur van het scheve huis gehangen met de dichterlijke tekst ‘Al is ons huisje scheef en krom, het is mijn eigendom!’  En jawel, sedert die nachtelijke uitstap bij volle maan,  klare sterrenhemel en vijf onder nul  is het gespot langzaam uitgestorven, zoals het geluid van een vertrekkende stoomtrein vanuit een klein stationnetje in het midden van de nacht.  Als dit scheve item nadien toch nog eens ter sprake kwam viel mijn papa de roddelaars in de rede met de vraag “en wie zegt er dat dit bouwwerk scheef is en niet de wereld rondom ons?”  Onze pa  lag meermaals overhoop met de schepping van het heelal en kwam op die manier in directe aanvaring met God de Vader.  Al deed hij dit niet ‘om God te kloten’, onderstreepte hij want met de vader zelf kon hij prima overweg,  een ietsje pietsje minder met zijn eigenwijze zoon maar met de geest had hij het wat moeilijk omdat die -achter de rug van Jozef – Maria had bezwangerd in haar slaap.  Aan zo’n achterbaks gedoe had onze pa een grote hekel want mijn vadertje… hij was rechtvaardigheid, hij had den zware last op zich geladen een eerlijk man te zijn, in woord en daad.  Guido Gezelle, geboren te Brugge op de dag van de arbeid in het jaar van de onafhankelijkheid van ons dierbaar België,  zou zot content zijn mocht hij hierboven te weten komen dat er zoveel jaren na zijn dood nog steeds zulke rechtvaardige en eerlijke vaders rondlopen lijk de mijne en de zijne, precies zoals in ‘zijnen nostalgischen tijd’…. 

Johan Devos – 5 mei 2018


 

Gemene raadsverkiezingen in oktober 2018?

Politici hebben nog ongeveer twee seizoenen de tijd om de twijfelende kiezer diets te maken dat het stemmen op hun partij het enige zinvolle alternatief is en gokken op kandidaten die tot een andere politieke familie behoren geen aarde aan de dijk zal brengen doch hooguit enkele kruiwagens slijk. Bijgevolg zal de olympische discipline ‘moddergooien’ zonder enige twijfel een essentieel onderdeel uitmaken van een politieke machtsontplooiing, vandaar de nogal vreemde  titel van mijn column, waarvoor mijn oprechte excuses.  Er wordt nogal eens beweerd dat politici niet bekommerd zijn om de mensen zelf maar wel om hun dikke portemonnee.  En toch zijn er individuen nodig die aan politiek willen doen.  Beschouw het als een noodzakelijk kwaad, waar onze maatschappij niet zonder kan, zoals prins Laurent niet zonder dotatie kan, een pastoor niet zonder gelovigen en een man zoals ik in de fleur van zijn leven,  niet zonder één of meerdere vrouwen.   Geef toe dat het niet steeds hartverwarmend is om politieker te zijn want alles wat er misloopt in de samenleving wordt in de schoenen van politici geschoven, vandaar dat hun schoeisel vaak twee maten te groot is en zij bijgevolg een zware ecologische voetafdruk hebben.  Persoonlijk erger ik mij niet langer aan wat er scheef loopt in onze boterstad, ten eerste raak je het op de duur zo gewoon als een …burgemeester zonder sjerp  en ten tweede kan je de scheefgegroeide dingen ook op een veeleer positieve manier benaderen, iets wat Lance Armstrong jaren aan een stuk heeft geprobeerd, tot ergernis van de uitgetelde concurrentie en machteloze koerscommissie.  Als ik in de omgeving van een vastgelopen kruispunt stap, schep ik er het grootste genoegen in om auto’s rustig voorbij te wandelen, mij bewust van het feit dat de wereld rondom mij stilstaat en ik als enige sterveling aan het voortbewegen ben terwijl ik de stomverbaasde gezichten aanschouw van hopeloze bestuurders in hun gemotoriseerde voertuigen.  Dan bestempel ik mezelf niet langer als een zwakke weggebruiker maar als de koning van het verkeer in een wereld die even ophoudt te bestaan

Momenteel ben ik mij volop aan het concentreren  om lokale verkiezingskandidaten waardig te kunnen ontvangen in mijn huisje met een tuintje, twee levensechte kabouters en een gevaarlijke loslopende hond.  Mijn brievenbus heb ik voor de gelegenheid in het rood geschilderd omdat de groene verf, waarmee ik mijn kelder heb gewit, volledig was opgebruikt.  Die kleuren hebben dus niets te maken met mijn politieke voorkeur, die ik niet mag laten blijken, teneinde mijn dotatie van columnist bij ediksmuide, niet in het gedrang te brengen.  Iedere politieker – mannelijk, vrouwelijk of zoiets tussen de twee –  met om het even welke seksuele voorkeur of haarkleur en in het bezit van een geldig bewijs van goed gedrag en zeden is hartelijk welkom in mijn  bescheiden woonstede. Zelfs de politicus  die onlangs fel uithaalde naar een organisatie die zich mateloos en onbaatzuchtig inzet voor mensen van ter plekke die in ‘kansarmoede’ verkeren, mag met een gerust geweten bij mij aankloppen want het is niet aan mij om een oordeel uit te spreken over die Vlaamse zondaar, ik ben immers God de Vader niet, noch zijn teergeliefde Zoon of geile geest, zelfs geen verre familie van dit hemels trio.  Althans niet voor zover ik weet..  Naar verluidt is de ‘stal der verdachtmakingen’ intussen grondig uitgemest alhoewel er geen enkele stront aan de knikker bleek te zijn.  Laat dit een wijze les zijn voor de dames en heren politici die zitten te popelen om met modder of stront te gooien naar de concurrentie want het stinkend goedje zou wel eens als een boemerang kunnen werken en in hun eigen smoel terechtkomen…

Johan Devos – 14 april 2018


 

La chausée d’ Amour

Het is een vast ritueel dat ik, na het gebed van ‘dagelijks brood voor iedereen’, mijn mailbox open en de laatste berichten nalees.  Op 1 maart van dit jaar zat mijn box boordevol complimentjes ter attentie van mijn vrouw omwille van  haar uithoudingsvermogen…met iemand als ik nota bene… en dit sinds ettelijke jaren.  Diezelfde morgen zat er ook een brief tussen van een Vlaamse vereniging uit onze Westhoek, waarin hun woordvoerder een loflied zingt voor de handelaars van de Generaal Baron Jacquesstraat, voor het aanbrengen van liefdesdichten op het  uitstalraam van hun handelsuitbating.  Een half Toontje lager zingt de auteur in een ander lied waarin hij betreurt dat er individuen zijn die zich steeds verder afkeren van de man met de pet, omdat ze het Engels boven onze moedertaal  verkiezen, iets waar ik, by the way, ook van shit met hevige buikkrampen en diarree bovenop.  Sorry voor dit onsmakelijk intermezzo. Vermoed wordt dat de secretaris van het Vlas onder meer de ‘The Shelter’ viseert, een plek waar ik voor geen geld van de wereld zou willen schuilen.  Zelfs niet voor een plaatselijke seksbom.  Persoonlijk heb ik nog steeds het meest affectie voor het Nederlands, hoogstwaarschijnlijk omdat Hendrik Conscience mij consciëntieus heeft leren lezen,  Stijn Streuvels mij heeft leren schrijven en Albrecht Rodenbach mij heeft leren …drinken. Het zwijgen heb ik aan mijn vrouw te danken. Guido Gezelle tenslotte, heeft mij de liefde voor het dichten bijgebracht, kelders weliswaar niet inbegrepen.  Tweemaal heb ik de winkelstraat afgedweild en even blijven staan bij elk gedicht dat de liefde met een hoofdletter, in al haar facetten belicht.  De straat  in kwestie lijkt precies omgetoverd tot een ‘Chaussée d’ Amour’, om het in de taal van Molière te zeggen, want als het Engels kan mag het Frans ook wel zijn zegje doen zeker, des te meer omdat het onze tweede landstaal is. Het is niet omdat wij Vlamingen zijn dat wij het Frans niet in ons hart mogen dragen.  Een chanson dat ik graag wil horen op mijn uitvaartplechtigheid is ‘ne me quitte pas’ van Jacques Brel.  Ik kan haast niet meer wachten.  Toen ik daarnet voor de tweede keer de Chausée d’ Amour afdweilde viel mijn lodderig oog, weliswaar zonder enig noemenswaardig letsel, op de voorgevel van een kapsalon waar een plaatselijke kalligrafe de woorden ‘sans soucis’ had aangebracht.  Verder was ze niet geraakt, vermoedelijk als gevolg  van een black out.  Was ik daar op dat eigenste moment getuige van geweest dan zou ik haar geest hebben bevrucht en  haar zachtfluelen hand naar de volgende amoureuze tekst geleid:  ‘L’amour c’est…passer un bon moment dans ce salon d’ coiffure pour un prix d’ami et repartir d’ici..très heureux et …sans soucis.’ Tenzij deze spontane poëtische uitbarsting voor té lange wachtrijen zou zorgen en als dusdanig overbelastend voor de uitbaters van het kapsalon.  .  Een andere tekst die ik reeds een tijdje in de mot had is deze op de voorruit van een kaffee: ‘Liefde is…’t Saam in de Westpoort’ en het verwondert mij dat het afkappingsteken zich op de verkeerde plaats bevindt, gezien het vermeend intellectueel gehalte van Bert en Sien, alhoewel vrouwen moeilijk in te schatten zijn hoe …blond ze zijn in werkelijkheid. Anderzijds is dit liefdesdicht zeer dubbelzinnig en laat bijgevolg veel aan de verbeelding over, temeer omdat de meeste klanten van het dranksalon er van op de hoogte zijn dat S&B heel onlangs hun kelder hebben gedicht.  Voorbijgangers zullen zich daar geen vragen rond stellen aangezien er omzeggens geen passanten zijn.  Bijgevolg is het hoogdringend dat de naarstige neringdoeners de koppen bij elkaar steken en overleggen hoe ze nieuwe klanten naar de Generaal Baron Jacquesstraat kunnen lokken, zoals mensen die de Congolese humor van de baron kunnen smaken bijvoorbeeld.  Laat ons echter vandaag de dingen door een positieve bril bekijken want morgen kan de wereld er ‘gans anders’ uitzien voor enkele commerçanten  uit bovengenoemde straat…

Mijn ode aan de chausée d’amour

Komt allen t’ saam naar hier
met klaroenen en trompetten
om de Liefde te bespelen
in duizenden coupletten

zet uw feestneus dus maar op
en maak u klaar voor zot vertier
er is champagne voor elkeen
en heerlijk schuimend bier

wacht echter niet tot morgen
en kom inderhaast naar hier
want straks is de chaussée d’amour
opnieuw zo dood als een pier

Johan Devos – 9 maart 2018


 

De teloorgang van het katholiek gedachtegoed

Laten wij meteen de kat de bel aanbinden, in de stille hoop dat ze niet van huis is…  Onlangs las ik op de site van ediksmuide dat het Licht is ontstaan als gevolg van een botsing der gedachten.  Ik dacht eerder dat het Licht was uitgegaan bij een botsing van gedachten en baseer mij op de recente kritiek die te horen was op de bedenkers van de benaming ’t Saam, kritiek die vandaag langzamerhand aan het uitsterven is – zoals de roep van wilde ganzen – die zich gestaag naar de noordpool voortbewegen tijdens ijskoude winternachten – plaatsmaakt voor een oproep tot het staken van de strijd en de maak van een compromis.  Door plaatselijke cynici als broekschijten bestempeld, een uitspraak waar ik mij van distantieer.  Trouwens, meestal is het  zo dat de ene broekschijter de andere schijter verwijt dat hij stinkt.  Een voormalig militant van het katholiek gedachtegoed – die helemaal niet ‘overweg’ kon  met de absurde benaming ’t Saam –  heeft intussen zijn zwaard terug in de schede gestoken, hopelijk niet in die van zijn eigen vrouw. …  Misschien moeten wij met zijn allen, die tot op vandaag opkwamen voor het katholiek gedachtegoed het over een andere boeg gooien, in de wetenschap dat de teloorgang van dit erfgoed  zich ongenadig zal doorzetten. Laten we dus gewoon aanvaarden – weliswaar met grote spijt in ons ‘met zwaard doorboorde hart’ – dat Sinten van allerlei allooi er een na een zullen moeten aan geloven en wij met lede ogen moeten toezien dat onze kerken verder zullen leeglopen omdat het tijdperk van de pastoors over and out is, gezien deze wereldvreemde celibatairen geen nakomelingen hebben.  Tenzij per ongeluk dan. Elke vrijgevige katholiek herinnert zich wellicht nog de tijd dat onze Vlaamse missionarissen hun jaarlijkse vakantie in hete zwarte landen doorbrachten en financierden met de opbrengst van …missiezondag… en op eenvoudige vraag van een of andere lokale hete schone hun persoonlijke duit uit hun zakje deden, vandaar dat  er in die missielanden zoveel ‘koffie met melkachtige individuen’ rondlopen.  Sta mij nog heel even toe – waarvoor mijn allergrootste dank – om verder te  bouwen aan  mijn oproep van daarnet om de pluralistische realiteit  onder ogen te zien, waar religie meer en meer wordt doorverwezen naar het ‘kleinste’ kamertje van ons ‘grote’ huis.  Een toiletaangelegenheid zeg maar, om het in sanitaire termen uit te drukken, iets wat nochtans een aantal belangrijke voordelen kan bieden zoals het feit dat er nog slechts één enkel onderwijsnet vandoen zal zijn, wat financieel gezien ontelbare schaalvoordelen zou opleveren en oneerlijke concurrentie tussen de verschillende onderwijsnetten quasi onmogelijk zou maken.  Bovendien zou het systeem een stuk eenvoudiger zijn om alle scholen per leerling te subsidiëren, zoals de Vlaamse Onderwijswet voorschrijft en daarnaast onderstreept dat de overheid bijkomende middelen kan voorzien voor bijzondere behoeften met betrekking  tot bepaalde doelgroepen op basis van objectieve criteria.  Op die manier zouden leerlingen en hun ouders, ook effectief gelijk gesteld worden voor de wet. Dat scenario zou trouwens heel goed uitkomen voor de verantwoordelijken van de scholengroep ’t Saam want dan zouden alle gelovige, anders gelovige en niet-gelovige neuzen – haviksneuzen en wijsneuzen inclusief– in de zelfde richting wijzen.  Energieverspillende en tijdrovende discussies rond  de benaming ’t Saam zouden volgens dit scenario voortaan ondenkbaar zijn.  Een kleine stap voor het schoolbestuur en de inrichtende macht, een grote stap voor de mensheid en …een opluchting voor alle eventuele broekschijters, mezelf inbegrepen…

Johan Devos – 17 februari 2018